Psychodiagnostisch onderzoek bij kinderen en jongeren
Soms merk je als ouder dat je kind ergens tegenaan loopt, maar is het niet duidelijk waar de problemen precies vandaan komen. Je kind heeft bijvoorbeeld moeite met concentreren, loopt vast op school, raakt snel overprikkeld, heeft moeite met sociale contacten of lijkt anders te reageren dan leeftijdsgenoten. Misschien vraag je je af of er sprake is van ADHD, autisme of een andere ontwikkelingsproblematiek. Psychodiagnostisch onderzoek kan helpen om beter te begrijpen wat er speelt. Bij Praktijk Fortis in Deventer bieden we psychodiagnostisch onderzoek aan voor kinderen en jongeren. Het onderzoek wordt afgestemd op de specifieke hulpvraag en heeft als doel om een zo compleet mogelijk beeld te krijgen van de ontwikkeling, mogelijkheden en moeilijkheden van een kind.
Wat is psychodiagnostisch onderzoek?
Psychodiagnostisch onderzoek is psychologisch onderzoek waarbij verschillende aspecten van het functioneren van een kind in kaart worden gebracht. Afhankelijk van de hulpvraag kan worden gekeken naar bijvoorbeeld:
- cognitieve ontwikkeling en intelligentie;
- aandacht en concentratie;
- planning en executieve functies;
- sociaal-emotionele ontwikkeling;
- gedrag en sociale informatieverwerking;
- communicatie en sociale vaardigheden.
Ook kan onderzoek worden gedaan naar specifieke ontwikkelingsproblemen, zoals ADHD of autismespectrumproblematiek. Gedrag heeft vaak meerdere mogelijke verklaringen. Concentratieproblemen kunnen bijvoorbeeld samenhangen met ADHD, maar ook met spanning, overbelasting, onzekerheid of problemen op school. Daarom kijken we bij diagnostiek altijd naar het gehele beeld.
Wanneer is diagnostiek zinvol?
Onderzoek kan helpen wanneer er vragen zijn over de ontwikkeling of het functioneren van een kind en deze vragen met gesprekken alleen onvoldoende kunnen worden beantwoord. Ouders of school kunnen bijvoorbeeld signaleren dat een kind:
- moeite heeft om de aandacht bij een taak te houden;
- snel afgeleid of impulsief is;
- moeite heeft met plannen en organiseren;
- snel overprikkeld raakt;
- problemen ervaart in sociale contacten;
- moeite heeft met veranderingen;
- vastloopt op school;
- onzeker is over zichzelf of zijn mogelijkheden;
- grote verschillen laat zien tussen verschillende vaardigheden;
- moeite heeft met emotieregulatie.
Ook kan onderzoek worden ingezet wanneer ouders of school meer inzicht willen krijgen in de manier waarop een kind leert en informatie verwerkt.
Onderzoek naar ADHD
Bij een vermoeden van ADHD wordt gekeken naar verschillende aspecten van het functioneren, zoals aandacht, impulsiviteit, hyperactiviteit en executieve functies. ADHD kan niet worden vastgesteld op basis van één test. Daarom worden verschillende informatiebronnen gebruikt. Er wordt gekeken naar het gedrag en functioneren van het kind in verschillende situaties en naar de ontwikkeling door de jaren heen. Het doel is niet alleen om vast te stellen of ADHD aanwezig is, maar vooral om te begrijpen hoe de kenmerken het dagelijks functioneren beïnvloeden en welke ondersteuning daarbij nodig is.
Onderzoek naar autisme
Bij een vermoeden van autisme is eveneens een breed onderzoek belangrijk. Er wordt onder andere gekeken naar sociale communicatie, het begrijpen van sociale situaties, contact met anderen, omgaan met veranderingen en prikkelverwerking. Daarnaast wordt gekeken naar de ontwikkeling vanaf jonge leeftijd. Autisme kan zich bij ieder kind anders uiten. Daarom kijken we verder dan alleen zichtbaar gedrag. Ook de manier waarop een kind situaties zelf ervaart, wordt meegenomen in het onderzoek.
Intelligentieonderzoek bij kinderen
Bij Praktijk Fortis kan ook intelligentieonderzoek worden uitgevoerd. Dit kan bijvoorbeeld wanneer er vragen zijn over de leerontwikkeling, schoolprestaties of verschillen tussen cognitieve vaardigheden. Voor kinderen en jongeren van 6 tot en met 16 jaar kan gebruik worden gemaakt van de WISC-V-NL. Bij een intelligentieonderzoek kijken we niet alleen naar een totaalscore. Juist de verschillende onderdelen van het cognitieve profiel kunnen belangrijke informatie geven over de manier waarop een kind leert, redeneert en informatie verwerkt. Een kind kan bijvoorbeeld sterk zijn in het ene gebied en meer moeite hebben met een ander gebied. Zulke verschillen kunnen invloed hebben op schoolprestaties, leren en de hoeveelheid energie die een kind nodig heeft.
Hoe verloopt een psychodiagnostisch onderzoek?
Een diagnostisch traject begint met een intake. We bespreken de reden van aanmelding, de ontwikkeling van het kind en de zorgen en vragen van ouders en kind. Vervolgens worden duidelijke onderzoeksvragen opgesteld. Op basis daarvan wordt bepaald welke onderzoeksinstrumenten nodig zijn. Afhankelijk van de hulpvraag kan het onderzoek bestaan uit:
- gesprekken met ouders en/of het kind;
- vragenlijsten;
- observaties;
- cognitief onderzoek;
- onderzoek naar aandacht en executieve functies;
- sociaal-emotioneel onderzoek;
- specifieke diagnostische instrumenten.
Niet ieder kind heeft hetzelfde onderzoek nodig. Het onderzoek wordt daarom afgestemd op de individuele situatie.
Waarom verschillende informatiebronnen?
Een kind kan zich tijdens een test anders gedragen dan thuis of op school. Daarom is het belangrijk om informatie uit verschillende situaties met elkaar te vergelijken. Ouders geven informatie over de ontwikkeling en het functioneren thuis. School kan informatie geven over leren, gedrag en sociale contacten. Het kind zelf kan vertellen hoe het situaties ervaart. Door deze informatie te combineren ontstaat een completer beeld. Ook testresultaten worden altijd bekeken in samenhang met de andere informatie.
Wat gebeurt er na het onderzoek?
Na afloop worden de resultaten besproken. We kijken daarbij naar zowel de sterke kanten als de moeilijkheden van het kind. Het doel is om antwoord te geven op belangrijke vragen:
- Waar loopt mijn kind tegenaan?
- Waar komen deze moeilijkheden mogelijk vandaan?
- Welke sterke kanten heeft mijn kind?
- Wat heeft mijn kind nodig?
- Wat kunnen ouders en school doen om hierbij aan te sluiten?
Wanneer een diagnose wordt gesteld, wordt besproken wat deze betekent voor het dagelijks functioneren. Maar ook wanneer een bepaalde diagnose niet wordt gesteld, kan onderzoek waardevolle informatie geven over wat er wél speelt en welke ondersteuning passend is.
Van onderzoek naar passende ondersteuning
Een diagnose is geen eindpunt. Het belangrijkste is wat de uitkomsten betekenen voor het dagelijks leven van het kind. Daarom worden onderzoeksresultaten vertaald naar praktische aanbevelingen voor ouders en, wanneer passend, school. Zo kan bijvoorbeeld worden gekeken naar de manier waarop instructies worden gegeven, hoe een kind ondersteund kan worden bij plannen of hoe kan worden omgegaan met overprikkeling. Het doel van psychodiagnostisch onderzoek is uiteindelijk meer inzicht, duidelijkheid en passende ondersteuning.
Psychodiagnostiek bij Praktijk Fortis in Deventer
Bij Praktijk Fortis vinden we het belangrijk dat diagnostiek zorgvuldig, persoonlijk en begrijpelijk wordt uitgevoerd. Een kind is meer dan een diagnose of een testscore. Daarom kijken we naar de ontwikkeling als geheel en naar de manier waarop verschillende factoren met elkaar samenhangen.Heb je vragen over de ontwikkeling, het gedrag of het leren van je kind en wil je weten of psychodiagnostisch onderzoek passend kan zijn? Neem dan contact op met Praktijk Fortis in Deventer.
Meer weten over diagnostiek? Bekijk de pagina Diagnostiek op de website van Praktijk Fortis of neem contact op voor meer informatie.

Geef een reactie